Ruw Eiwit meten ↔ Ureum
Stikstofbenutting staat volop in de schijnwerpers. Met andere woorden: benutting van eiwit, of nog beter gezegd: benutting van (vers) gras!

Begin april is De Samenwerking gestart met het Vers Gras Abonnement. Tweewekelijks wordt bij 100 veehouders het verse weidegras geanalyseerd. Over het hoe en wat is door Veeteelt een mooie film gemaakt. Deze is te bekijken via onze website.
De gemiddelde uitslag van week 21 was: 958 VEM, 217 ruw eiwit, 105 suiker, 448 NDF, 88 VC NDF en 107 ruw as bij een droge stof percentage van 16.
Maar wat zegt een gemiddelde? De spreiding is enorm. Bijvoorbeeld het laagst gemeten ruw eiwit is 170 en het hoogste 260. Het blijkt maar weer dat de stelling “gras is gras” niet waar is. De insteek is om het verse gras optimaal in het rantsoen in te zetten. De ervaring van de laatste weken leert dat de ureumgetallen aan de lage kant zijn. Als er dan bekend is dat het ruw eiwit in het verse gras en het totale rantsoen goed is, hoeft dat geen probleem te zijn. Blijkbaar is er een optimale benutting en kan de koe met een lager ureum goed functioneren. Daarbij uitgaande van een gezonde koe en goede mest.
Stikstofbenutting blijft een samenspel tussen grasteelt, bemesting, beweiding en voeding. Dat is niet even simpel te regelen. Door het ruw eiwit in het verse gras te combineren met het ureumgetal kunnen we stappen zetten. Dat geeft veel informatie voor het energieniveau van het rantsoen en de totale energieopname en vervolgens de vraag of er bij gestuurd moet worden.