Zuid-Hollandse Statenleden brengen brandbrief over Amerikaanse rivierkreeft naar ministerie LVVN

De brandbrief is opgesteld door Pauline de Bes van JA21, in samenwerking met Nico de Jager van de SGP en Heidi Looy van BBB. De oproep om diezelfde middag nog naar het ministerie te lopen en de brandbrief te overhandigen, werd gedaan via een motie in de Statenvergadering die JA21 samen met BBB, CDA, VVD, SGP en ChristenUnie in eerste instantie indiende. Deze kreeg later steun van bijna alle partijen - zowel links als rechts - behalve van Partij voor de Dieren en Groep Doe Stoer.
Looy spreekt van een mooie actie. „Normaal zijn we als Staten weleens verdeeld, maar dat nu 95 procent voor deze motie heeft gestemd en vertegenwoordigers van alle fractie liepen naar het ministerie, vind ik echt prachtig. Iedereen was tijdens de wandeling ook positief gestemd. Mooi dat we dit in samenwerking hebben kunnen doen!"
De zorgen zijn echter groot. Looy spreekt bij de aanpak van de Amerikaanse rivierkreeft over 'vijf voor twaalf', of zelfs vijf over twaalf'. Het Rijk is verantwoordelijk voor de bestrijding van de rivierkreeft. Op dit moment mogen alleen beroepsvissers de rivierkreeften vangen, omdat de aanpak van de rivierkreeft onder de Visserijwet valt.
Oplossingen
Provincie Zuid-Holland, de waterschappen, boeren en natuurclubs zochten de afgelopen jaren al naar oplossingen om de populatiegroei te stoppen. Daarvoor zijn onder meer onderzoeken gedaan naar vangmethoden en beheermogelijkheden.
Op dit moment mogen alleen beroepsvissers de rivierkreeften vangen met korven en netten. De organisaties vinden dat de wet- en regelgeving aangepast moeten worden, zodat bestrijding het hele jaar mogelijk is. Ook moet de beheermogelijkheid ruimer worden en niet alleen bij vissers blijven te liggen.
Schade
Actie is volgens de partijen nu nodig, omdat het voorjaar is losgebarsten en de watertemperatuur stijgt. De Amerikaanse rivierkreeft wordt dan ook weer actiever. Ook gaat de exoot zich in een razendsnel tempo voortplanten. Het beest is al jaren een plaag voor onder meer boeren en waterschappen. De waterkwaliteit gaat achteruit, omdat de kreeften alle waterplanten opeten. Ook de slootkanten worden instabiel, omdat de rivierkreeften daar holen graaft.
Budget voor beheer
Staatssecretaris Jean Rummenie was woensdag door andere verplichtingen niet in de gelegenheid om de brandbrief persoonlijk in ontvangst te nemen. Wel liet hij deze week in een Kamerbrief weten ook zijn zorgen te hebben over de Amerikaanse rivierkreeft.
Hij wil daarom via de Voorjaarsnota, die in juni wordt besproken in de Tweede Kamer, budget proberen te verkrijgen voor het bestrijden van de exoot. Daarbij geeft hij prioriteit aan maatregelen die bijdragen aan het behalen van doelstellingen van de Vogel- en Habitatrichtlijnen en de Natuurherstelverordening. In de praktijk worden die maatregelen vooral in beschermde natuurgebieden genomen. 'Dit betekent dat mijn inzet zich niet richt op rijkswateren en regionale wateren en de uitheemse rivierkreeften die daar voorkomen.'
Niet eerste brandbrief
De brief vanuit Provinciale Staten is niet de eerste brandbrief. Ook de Hoogheemraadschappen van Delftland en Schieland en de Krimpenerwaard stuurden eerder dit jaar al een brief aan de staatssecretaris waarin ze hun zorgen uiten.
Delfland wil dat LVVN de kosten die het hoogheemraadschap maakt om waterinfrastructuur te beschermen tegen de Amerikaanse rivierkreeften, gaat vergoeden. 'Delfland neemt deze stap omdat het ministerie in de afgelopen tien jaar onvoldoende effectieve maatregelen heeft genomen om de rivierkreeft te bestrijden en te beheersen, terwijl het rijk hier wel verantwoordelijk voor is.'
Rivierkreeften graven in oevers en keringen waardoor de waterveiligheid in het geding kan komen. Zonder ingrijpen zal deze schade verder toenemen, wat leidt tot meer overlast en hogere kosten. Alleen al voor de bescherming van de onderwaternatuur rekent Delfland op 13 miljoen euro in het eerste jaar en 7,3 miljoen euro in de jaren daarna. Deze kosten, zo stelt Delfland, moeten betaald worden door het rijk en niet door de inwoners van het gebied van Delfland.