Bloembollenareaal daalde vorig jaar licht, teelt blijft regionale aangelegenheid

Het areaal voor de bloembollenteelt was in 2024 vergeleken met tien jaar eerder met 3,8 duizend hectare gegroeid, een toename van 16 procent. Ruim de helft van het bloembollenareaal wordt gebruikt voor tulpen. Dit nam in die periode toe met 29 procent tot ruim 14 duizend hectare. Vergeleken met 2023 daalde het tulpenareaal met 2 procent, meldt het CBS.
Lelieteelt
Ten opzichte van tien jaar eerder is het areaal lelies met 12 procent gestegen tot 5,9 duizend hectare. Hiermee is deze bollensoort het op één na grootste gewas binnen de bloembollenteelt. In 2024 bestond ruim 21 procent van het areaal uit lelies. Vergeleken met een jaar eerder is het areaal lelies gedaald met 6 procent.
Het CBS zocht ook uit hoeveel bedrijven bloembollen telen. In 2024 waren er ruim 1600 bedrijven die bloembollen teelden. In vergelijking met tien jaar eerder is het aantal bloembollentelers gestegen met 8 procent. Dit komt doordat meer landbouwbedrijven lelies en tulpen zijn gaan telen. Van deze telers hield 56 procent zich bezig met de tulpenteelt, 24 procent teelde lelies en 26 procent teelde overige bol- en knolgewassen. Het aandeel telers dat lelies teelt is nauwelijks veranderd in 10 jaar tijd, het aandeel telers dat overige bol- en knolgewassen teelt is gedaald met 3 procent. Het aandeel narcissentelers daalde van 20 procent naar 12 procent.
Westen en Flevoland
Wie de bloemenvelden de komende tijd in volle glrorie wil aanschouwen, moet in de landbouwgebieden Westelijk Holland (Noord- en Zuid-Holland met uitzondering van het veenweidegebied) of op de IJsselmeerpolders (Flevoland en klein stuk Noord-Holland) zijn. Daar lag het areaal bloembollen ten opzichte van het totale areaal landbouwgrond in 2024 op respectievelijk 35 en 34 procent. In het Zuidelijk Veehoduerijgebied (grote delen van Noord-Brabant en Noord-Limburg) komt het areaal op 7 procent uit. Verder in Nederland nergens boven de 6 procent, ook niet in het Zuidwestelijk akkerbouwgebied (6 procent) of Veenkoloniën en Oldambt (6 procent).